Herinneringen aan een oude landweg

13-07-2017

Vroeger was de Ommoordseweg een lange polderweg tussen Terbregge en Oud Verlaat. In de jaren 60 verrees de nieuwe wijk Ommoord en bleef slechts een klein deel van de oude weg bestaan. Voor de aanleg van de A16 Rotterdam verdwijnt er nog stukje van de Ommoordseweg.

Tussen de President Rooseveltweg en Ommoord herinnert de Ommoordseweg nu nog aan de oude landweg van weleer, met aan weerszijden een sloot en veel groen. Maar de stad en de infrastructuur in het gebied groeit. Vanaf 2019 wordt de langverwachte A16 Rotterdam aangelegd en moet dit stukje Ommoordseweg wijken. In de zomer van 2017 worden de panden aan de weg gesloopt. Aanleiding om eens in de historie te duiken, samen met 2 oud-bewoners.

 

Jaren 20 en 30

De huizen aan dit deel van de Ommoordseweg – ten westen van de President Rooseveltweg blijft nog een klein deel bestaan – stammen uit de jaren 20 en 30 van de vorige eeuw. Het is de tijd waarin de gebroeders Van Gog een 1e lijnbus over de Ommoordseweg laten rijden, tussen Rotterdam en Zevenhuizen.

 

De busonderneming Gebr. Van Gog reed vanaf 1923 een lijndienst tussen Zevenhuizen en Rotterdam, over de Ommoordseweg. De bus op deze foto is gebouwd in 1947. (Bron: myntransportblog.com)

 

Het 1e huis dat op dit stuk Ommoordseweg werd gebouwd, was het vrijstaande huis op nummer 50. ‘Een aannemer bouwde het huis tussen 1925 en 1927 voor zijn dochter’, vertelt Michael Davis, die het huis tot april 2017 bewoonde. ‘Met 10.000 gulden was het destijds het duurste huis aan de Ommoordseweg. Ter vergelijking: het huis ernaast kostte 5 jaar later 2.500 gulden.’

 

Ommoordseweg 50. In de 2e helft van de jaren 20 bouwde een aannemer dit huis voor zijn dochter. De foto is van rond de 2e Wereldoorlog. (Collectie Historische Commissie ‘De Ommoordse Polder’)

 

Anti-kraak avant la lettre

Michael Davis verhuisde in de zomer van 1974 vanuit centrum Den Haag naar zijn nieuwe onderkomen aan de Ommoordseweg. Toentertijd was er al sprake van dat de A16 Rotterdam zou komen. Er waren zelfs al vrachtwagens in de weer met zand en er lag al een gedeelte van het toekomstige tracé. De vorige eigenaar zag de zandwagens voorbijrijden en koos ervoor niet te wachten tot de uitvoering vorderde; hij verkocht het huis aan Rijkswaterstaat, destijds de werkgever van Davis. Onder het eigen personeel zocht Rijkswaterstaat iemand die er wilde wonen zolang het huis niet tegen de grond hoefde: anti-kraak avant la lettre. ‘Natuurlijk moest er het nodige aan het huis gedaan worden’, zegt Davis. ‘Bedrading was afgekeurd, ruiten waren ingegooid, er lag overal puin, de waranda was weggerot en het dak van de schuur was verdwenen. Verschillende collega's hadden het huis bekeken en waren afgehaakt, te veel werk.’ Davis zag het wél zitten en kreeg een tijdelijk huurcontract, vanwege de plannen voor uitbreiding van de A16: ‘Maximaal 5 jaar kon ik er wonen, daarna zou het gesloopt worden. Het is uiteindelijk 43 jaar geworden.’ ‘De personeelsfunctionaris zei me dat er 1 eis was: je moest getrouwd zijn.’ En natuurlijk moest de huur betaald worden. ‘150 gulden per maand. Voor mij was het ongelooflijk. Ik was een broekie van 23 jaar, ik kwam uit een klein huisje in het hart van Den Haag. En nu had ik een huis met een oprijlaan, een brug voor de deur, een enorme schuur. Jaren later vertelde onze dochter Kelly – geboren in 1989 – dat ze dacht dat we rijk waren, zeker nadat ik een opzetzwembad had gekocht bij de Makro en in de tuin had gezet. Toen woonden we opeens in een villa met zwembad.’

 

Zelf gebouwd

‘Toen ik geboren werd, was het nog een landweg richting Oud-Verlaat en Zevenhuizen’, zegt Davis’ voormalige overbuurman, Kees van der Kloos, wiens familie al generaties in het gebied woont – tot 1971 onder de naam Van der Kloot. ‘Het was boerenland. Mijn opa had een boerderij op Ommoordseweg 27, die later overging naar mijn jongste oom en vervolgens diens zoon.’

 

Opa Van der Kloot brengt de koeien naar de wei, vermoedelijk mei 1942. (Collectie Historische Commissie ‘De Ommoordse Polder’ / persoonlijk archief Kees van der Kloos)

 

Van der Kloos: ‘Mijn vader heeft het huis op nummer 49 in 1932 laten bouwen op het land van mijn opa, dat tot aan de Rotte doorliep. Mijn overgrootvader had zelfs nog land tot aan Zevenhuizen. Zowel mijn opa als mijn vader zijn geboren op de witte boerderij bij de Irenebrug aan de Terbregseweg 1.’

 

‘Aan de Ommoordseweg 49 had mijn vader een margarine-ompakbedrijf, waar zo’n 11 personen werkten’, vertelt Van der Kloos. ‘De margarine werd aangeleverd in kluiten van 10 kilo. Deze werden gemixt en er werden diverse smaakstoffen aan toegevoegd. Daarna werden ze met de hand in wikkels verpakt in pakjes van 250 gram met verschillende namen, zoals: Bergsche Roem, Hollandse Jongens, Rotterdamsche Kluit, in totaal wel zo´n 30 verschillende “merken”.’ Sinds 1989 woont Van der Kloos zelf op nummer 49.

 

Kees van der Kloos in 1960 met zijn vader in het margarine-ompakbedrijf op nummer 49. (Bron: persoonlijk archief Kees van der Kloos)

 

Maar er woonden niet alleen boerenfamilies. Van der Kloos: ‘Op nummer 50 woonde de familie Van der Griend, goede vrienden van mijn ouders en bekend van het accordeonkwartet The 4 Kaeth’s. Ze waren 3 maanden in Nederland en de rest van het jaar zwierven ze door Europa.’ In een advertentie in het Rotterdamsch Nieuwsblad van 24 mei 1923 worden The 4 Kaeth’s beschreven als: ‘Onze Rotterdamsche Accordeon Virtuosen (vroeger bekend als HARRY en JAN)’. Zij traden destijds bijvoorbeeld op in Theater Soesman aan de Kruiskade, dat plaats bood aan 1.300 personen, en dat ‘na hun succesvol tournée in Amerika, waar zij 6 maanden onafgebroken werkzaam waren in het Hippodroom te New-York. Het grootste Variété-Theater ter wereld.’

 

Ook Davis heeft gehoord van de accordeonisten die als eersten op nummer 50 woonden: ‘Als die mensen op tournee gingen, zaten de luiken dicht en keek niemand om naar het huis. In de oorlog was het huis gekraakt. Dichte luiken, maar er zaten wel mensen. Misschien onderduikers.’

 

Van der Kloos, geboren in 1947, kent verhalen uit de oorlog van zijn ouders en oudere zus: ‘Mijn vader liet me later zien waar een voedseldropping van de geallieerden dwars door het dak van de garage ging. De schade was destijds zichtbaar, dus je kon het niet ontkennen. De gedropte waar moest je inleveren.’

 

Het paard Boris

Sommige bewoners van de Ommoordseweg hielden het oude boerenleven nog lang vol. Michael Davis herinnert zich nog dat er een groenteman met paard en wagen langs de deuren kwam: vader en zoon Van der Linde met hun paard Boris. ‘Nadat vader Van der Linde was overleden en het paard te oud was om de kar te trekken, kreeg Boris een weitje aan de Ommoordseweg waar hij zijn laatste dagen mocht slijten’, vertelt Davis. ‘Boris viel weleens in de sloot, maar in zijn nadagen kon hij niet meer zelfstandig uit de sloot klimmen. Brandweer en politie moesten er dan aan te pas komen. In mooie witte overhemden en schone broeken hielpen ze Boris met behulp van singels uit de sloot. Zodra het paard weer stond, begon hij het vuil van zich af te schudden. Iedereen zag zwart van de modder.’

 

De groenteman was een van de laatsten der Mohikanen, want de omgeving was in rap tempo aan het verstedelijken. Van der Kloos: ‘Ik weet nog goed dat de 1e paal van de ERA-flat de grond in ging, eind 1965.’ De ERA-flats vormden een beeldbepalend onderdeel van de nieuwe wijk Ommoord. Voor de mensen die vaak al generaties in het gebied woonden had het een grote impact: ‘Land werd onteigend en er werd gewerkt aan de A20. De vrachtwagens met zand vlogen over de Baileybrug die toen evenwijdig aan het spoor lag.’

 

Ommoord 1969, uitzicht vanaf de 12e etage van de eerste ERA-flat (‘Kelloggflat’). Te zien is een deel van de nu verdwenen Ommoordseweg en de groene omgeving. (Collectie Historische Commissie ‘De Ommoordse Polder’)

 

Sinds die tijd is er meer veranderd. Dat blijkt bijvoorbeeld uit een herinnering van Michael Davis aan een doe-het-zelfzaak aan de Terbregseweg, van een soort die je nu niet zo vaak meer aantreft: ‘Daar kon je spijkers per stuk kopen. Had je een stuk gaas nodig, dan kon je de hele rol meenemen. Als je terugkwam vroeg hij: hoeveel heb je afgeknipt? Die man had alles. Dan zei hij: ik ga even kijken of ik dat heb, en vervolgens was hij een half uur weg. Maar dan had hij wel gevonden wat je nodig had.’

 

A16 Rotterdam

Davis dacht in 1974 voor 5 jaar in een droomhuis aan de Ommoordseweg te gaan wonen, uiteindelijk werden het 43 jaar. Maar eerder dit jaar verhuisde hij naar Ommoord. Want de A16 Rotterdam komt er nu echt. Met het aanpakken van de bereikbaarheid van de noordelijke rand van de stad, verdwijnt het deel van de Ommoordseweg waar Davis en Van der Kloos lang woonden.

 

---

 

Met dank aan Michael Davis, Kees van der Kloos en historische commissie ‘De Ommoordse Polder’ van bewonersvereniging Heide-Bes. De historische commissie publiceerde het boekje “De Ommoordseweg… van begin tot eind”, verkrijgbaar voor 10 euro. Zie: www.ommoordsepolder.nl.

0
 reacties